31 juli – 1 augustus, Brunsbuttel – Cuxhaven – Terschelling

Zo gezegd, zo gedaan. We lagen om 7.00 uur voor de sluis te wachten. Die helaas pas rond achten voor ons open ging. Het eerste uurtje stroom mee was zo al weg. Buiten was het wind tegen stroom, al was het niet zo heftig als de laatste keer. Er stond nu dan ook windkracht vier en niet zes. Element ploegde gestaag door. Gigol’eau had er meer moeite mee, heeft ook een minder krachtige motor. Even na tienen zou de kentering zijn. Op het Wad gaat dat vrij gestaag. De stroom dooft langzaam uit en bouwt weer langzaam op. Dat blijkt op de Elbe anders te zijn. In ongeveer een kwartier tijdgingen we van bijna twee knopen mee, naar twee tot drie knopen tegen. Gelukkig was de ingang van de haven niet meer al te ver, al duurde het zo wel knap lang.
Rond half twaalf zijn we de marina binnen gelopen. Anneke is nog even naar bed gegaan; Harald heeft in de zon in de kuip rustig aan gedaan. Zo rond tweeën werd het onrustiger in de haven. De eerste bootjes begonnen te vertrekken. Wij zijn even na tweeën uitgevaren. Het eerste stuk was wederom tegen de wind in, met wind tegen stroom. De wind was al weer een beetje minder, het ging steeds soepeler. Langzaam konden we gaan afvallen, waarop we het grootzeil bij hebben gezet. Vrij snel daarna ook de genua erbij. Af en toe met de motor bij om voldoende snelheid te behouden. De wind was inmiddels namelijk afgezwakt tot kracht een tot twee uit het westen.
Anneke had de mazzel te kunnen genieten van een prachtige zonsondergang. Een dieprode bal zakte heel langzaam de zee in. Prachtig! Om twaalf uur heeft ze de wacht overgedragen aan Harald. Heel langzaam nam de wind, zoals de verwachting had aangegeven, weer toe. Even na twee uur kon de motor uit en kon Harald in alle rust genieten van de volle maan. Tegen de tijd dat Anneke de wacht weer overnam, was de wind toegenomen tot kracht vier en gedraaid naar het zuidoosten. Rond zessen trok de wind nog verder door naar kracht vijf, waarop we een rif hebben gezet en de genua wat ingerold.
Om 8.00 uur nam Harald de wacht weer over, Anneke is nog wat gaan liggen. We waren inmiddels weer in Nederlands water. We hadden onze zinnen gezet op een plekje op Terschelling. Met name Anneke zat hierop te vlassen, zodat ze alsnog kon gaan zwemmen met Friese paarden. Dus toen de wind inzakte en het ook nog eens niet bezeild meer was, is de motor aangegaan. Zo zouden we nog enigszins op een fatsoenlijk tijdstip aankomen op Terschelling.
Het was zulk rustig weer dat we de Terschellinger gronden met een minder ruime bocht dan gebruikelijk hebben genomen. Met een blik op de plotter en de ipad kozen we een veilige route, met als ondergrens vier meter diepte. Al met al scheelde dit een mijl of vijf (en dat tegen de stroom in). Vanaf de kardinaal bij het wrak van de Ecuador konden we richting Meep sturen. Daar heeft Harald Element keurig langs de rand van de geul gestuurd, in de hoop en verwachting dat daar de stroming het minst zou zijn. De motor mocht ook flink zijn werk doen. Op deze manier, door een slimme koers en net wat meer gebruik van de motor, haalden we wat bootjes in en werd het plekje op Terschelling steeds zekerder.

Rond 18.00 uur liepen we Terschelling binnen. Daar was inderdaad nog plek. En wel bijna op ons favoriete plekje aan het uiteinde van de steiger. We kwamen als derde schip, een rijtje daarvoor. Er paste precies nog een boot tussen ons en de boot aan de overkant door. Niet helemaal rustig liggen, maar we lagen in elk geval op Terschelling. Anneke heeft snel contact gezocht met Puur en maandag kan ze gaan zwemmen met paarden, erg benieuwd! Vervolgens zijn we richting de Walvis gelopen voor drankje en hapje. Onderweg nog een reservering gemaakt bij Caracol voor zondagavond. Daarna kakten we allebei in en hebben ons bedje opgezocht.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *